Domeinen Ruilen over Tijd, Welvaart en Groei en GTST
uit een krant:
| Op de Nederlandse arbeidsmarkt zijn steeds meer zelfstandige ondernemers zonder personeel (zzp’ers) actief. Deze groep Nederlanders werkt niet in loondienst bij een werkgever maar werkt voor eigen rekening voor opdrachtgevers. Je komt zzp’ers in alle sectoren tegen: van de bouwsector en de zorg tot de advocatuur. In 2008 waren er 810 duizend zzp’ers, wat overeenkwam met 9% van de werkzame beroepsbevolking. Dat aantal is in tien jaar tijd, zowel in economisch slechte tijden als in economisch goede tijden, sterk gegroeid. De solidariteit binnen het stelsel van sociale zekerheid in Nederland komt onder druk te staan door de groei van het aandeel zzp’ers binnen de werkzame beroepsbevolking. In de eerste plaats gelden voor zzp’ers geen verplichte collectieve verzekeringen tegen arbeidsongeschiktheid en ziekte, zoals die er wel zijn voor werknemers. Particuliere verzekeringen zijn duur, en daarom verzekert een grote groep zzp’ers zich niet. In de tweede plaats gelden er belastingvoordelen voor zzp’ers, waardoor zij minder bijdragen aan collectieve regelingen zoals de bijstandsuitkering en het basispensioen voor ouderen (AOW). |
Bron 1 indexcijfers zzp’ers en werkzame beroepsbevolking1)
|
noot 1 Zzp’ers behoren, naast werknemers en andere zelfstandige ondernemers, tot de werkzame beroepsbevolking. |
Gebruik het krantenartikel en bron 1.
| 1 | Leg aan de hand van de grafiek uit dat het aandeel van de zzp’ers binnen de werkzame beroepsbevolking is gegroeid in 2017 ten opzichte van 2008. |
In economisch goede tijden komt het vaak voor dat werknemers hun baan in loondienst verruilen voor het zelfstandig ondernemerschap. Ook in laagconjunctuur zijn er werknemers die deze stap zetten.
| 2 | Leg uit waarom werknemers in een laagconjunctuur zouden kiezen voor zelfstandig ondernemerschap. |
De buurmannen Zacharia (53 jaar) en Willem (50 jaar) werken allebei in de bouwsector. In 2018 was er een sterke productiegroei in deze sector en gaf Zacharia zijn baan in loondienst op. Hij werd zzp’er in de bouw, terwijl Willem ervoor koos werknemer te blijven. De bouw kent een cao met een bedrijfspensioen.
Zacharia en Willem hebben het krantenartikel gelezen en zijn met elkaar daarover in discussie geraakt.
Gebruik uitspraak 1.
| 3 | Leg uit waarom de beloning van de zzp’er zich sneller aan de marktsituatie aanpast dan het loon van de werknemer. |
Gebruik uitspraak 2 en uitspraak 3.
| 4 |
Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst. Zacharia onderbouwt uitspraak 3 als volgt: Kies uit: |
Gebruik uitspraak 4 en uitspraak 5.
| 5 | Geef twee argumenten namens Zacharia waarom uitspraak 4 van Willem onjuist is. |
Gebruik bron 2.
| 6 | Bereken hoeveel minder Zacharia als startende zelfstandige betaalt aan inkomensheffing vergeleken met Willem als ze beiden € 33.333 per jaar zouden verdienen. Je hoeft geen rekening te houden met andere aftrekposten dan in de bron genoemd. |

