Domein I, Goede Tijden, Slechte Tijden

Domein I, Goede Tijden, Slechte Tijden2018-09-27T16:04:25+02:00

De kandidaat kan in contexten analyseren waarom er sprake is van korte termijn schommelingen in economische activiteiten en welke mogelijkheden en grenzen er zijn voor conjunctuurbeleid. Markten laten zich niet gemakkelijk reguleren mede door toedoen van rigiditeiten.

Anti-cyclisch begrotingsbeleid2017-01-14T17:18:44+02:00

Bij anti-cyclisch begrotingsbeleid gebruikt de overheid haar begroting (inkomsten en uitgaven) om de conjunctuurcyclus tegen te werken.

Appreciatie2016-12-28T12:45:49+02:00

Koersstijging van een munt door verandering van vraag en aanbod op de valutamarkt.

Arbeidsproductiviteit2017-01-08T11:35:39+02:00

Arbeidsproductiviteit is de productie per arbeider per tijdseenheid.

Beroepsbevolking2017-01-08T11:37:02+02:00

Beroepsbevolking is alle personen in de leeftijd van 15 tot 75 die: betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of die geen betaald werk hebben, maar recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Bestedingen2017-01-14T17:44:53+02:00

Met bestedingen bedoelen we de totale vraag naar goederen en diensten in een land, voor zover die zorgen voor productie in dat land.
ook wel: effectieve vraag

EV = C + I + O + E – M

Betalingsbalans2017-01-08T11:25:43+02:00

Een betalingsbalans is een overzicht van alle transacties van een land met het buitenland in een bepaalde periode (meestal een jaar).

Bezettingsgraad2016-12-20T12:34:59+02:00

De bezettingsgraad geeft aan in welke mate de productiecapaciteit wordt gebruikt.

bezettingsgraad

Collectieve lastendruk2017-01-24T12:57:22+02:00

De collectieve lasten uitgedrukt als percentage van het nationale inkomen.

Collectieve sector2017-01-24T12:47:18+02:00

De collectieve sector bestaat uit de overheidssector (Rijk en lagere overheden) en de uitvoeringsinstanties voor de sociale zekerheid.

Conjuncturele werkloosheid2017-01-24T12:40:14+02:00

Werkloosheid die ontstaat doordat de bestedingen te laag zijn.
Daardoor wordt niet de gehele productiecapaciteit gebruikt en zijn er minder mensen werkzaam dan mogelijk.

Conjunctuur (golf)2016-12-18T14:44:38+02:00

Conjunctuur is de op- en neergaande beweging van de economie die veroorzaakt wordt door de veranderende omvang van de bestedingen.

Depreciatie2016-12-28T12:39:00+02:00

Koersdaling van een munt door verandering van vraag en/of aanbod op de valutamarkt.

Devaluatie2017-01-17T20:12:26+02:00

Een devaluatie is een neerwaartse aanpassing van de officiële spilkoers van een munt bij een systeem van vaste wisselkoersen.

Geldmarkt2017-01-24T13:28:42+02:00

Geheel van vraag naar en aanbod van financiële middelen met een korte looptijd*.

* met korte looptijd worden meestal financiële titels bedoeld met een oorspronkelijke looptijd van korter dan twee jaar.
Het gaat dus om leningen (vraagzijde)  en besparing (aanbodzijde) met een originele looptijd van minder dan twee jaar.

Geldschepping2017-01-17T19:56:16+02:00

Een stijging van de maatschappelijke geldhoeveelheid.

We spreken van geldvernietiging wanneer de maatschappelijke geldhoeveelheid daalt.

Hoogconjunctuur2016-12-20T13:37:08+02:00

We spreken van een hoogconjunctuur als de economie meer dan gemiddeld groeit.
Oorzaak van de hoogconjunctuur is een forse groei van de bestedingen.

Inverdieneffect2017-01-14T17:14:18+02:00

Wanneer de overheid de economie wil stimuleren, zal een deel van de extra uitgaven door extra inkomsten wordt terugverdiend. Dit noemen we het inverdieneffect.

Koopkracht / Reële inkomen2017-01-08T11:21:37+02:00

Koopkracht is het inkomen uitgedrukt in de hoeveelheid goederen die ermee gekocht kan worden.

Laagconjunctuur2016-12-20T13:39:52+02:00

We spreken van een laagconjunctuur als de economie minder dan gemiddeld groeit.
Oorzaak van de laagconjunctuur is een daling van de (groei van de) bestedingen.

Lopende rekening2016-12-20T12:27:12+02:00

Onderdeel van de betalingsbalans.
Op de Lopende rekening staan alle transacties die in dat jaar bijdragen aan de inkomensvorming.

Maatschappelijke geldhoeveelheid2016-12-15T14:55:01+02:00
De maatschappelijke geldhoeveelheid (M) omvat alle chartale en girale geld in handen van het publiek.