Qv, Qa en surplussen – opgave 3

Qv, Qa en surplussen – opgave 3

Opgave 1

Gegeven het marktmodel dat het gedrag van de gezamenlijke producenten en consumenten weergeeft op de markt van volkomen concurrentie.

Qv = – 0,67P + 50
Qa = 1,67P – 25
waarbij geldt:
P = prijs in euro’s per stuk
Q = hoeveelheid in 10.000 stuks per dag
1 Bereken de totale dagomzet op deze markt.
2 Teken in een grafiek dit marktmodel.
3 Arceer het consumentensurplus.
4 Bereken het producentensurplus.

Opgave 1

1

Qa = Qv
1,67P – 25 = – 0,67P + 50
2,33P = 75
P = 32,14    DUS: € 32,14

Q = 28,57   DUS: 285.700 stuks

Omzet = prijs x hoeveelheid
Omzet = € 9.182.398
 

2
opgave_mspl3
3 Consumentensurplus: het bedrag dat consumenten minder hoeven te betalen dan ze maximaal bereid zijn om te betalen (groene vlak)
4 Producentensurplus: het bedrag dat producenten méér verdienen dan ze minimaal willen verdienen aan hun product (oranje vlak).
2016-12-15T14:54:35+00:00